


OWARI

OWARI – the art of coping
OWARI – the art of coping is een augmented audio belevingsroute: een vorm tussen tentoonstelling en voorstelling in. OWARI bestaat uit negen installaties / scènes, die verspreid staan door de kerk waarin bezoekers - met een hoofdtelefoon op - vrij kunnen dwalen.
Het Japanse woord owari betekent ‘einde’. OWARI verkent de grens tussen verlies en veerkracht, en onderzoekt hoe we ons staande houden in een wereld die wankelt.
Iedere bezoeker ervaart OWARI op een eigen manier: de volgorde, het tempo en de duur van de scènes worden bepaald door de persoonlijke route van de bezoeker. Het speciaal ontwikkelde hoofdtelefoonsysteem herkent de positie van de drager en stemt muziek, tekst en klank precies af op wat zich op dat moment in beeld afspeelt - een filmfragment, een lichtbeweging, een sculpturaal object. Zo blijven beeld, omgeving en geluid met elkaar verbonden en ontvouwt het werk zich in een voortdurende wisselwerking tussen ruimte, geluid en tijd.
OWARI is ontwikkeld in samenwerking met en/of met bijdragen van verschillende andere kunstenaars: beeldend kunstenaar Iris Bouwmeester, filmmaker Auke Hamers, animator Jos Meijers, mezzosopraan Els Mondelaers, performer Michael Jahoda, sopraan Claron McFadden, auteur Gaea Schoeters, creatieve technoloog Hans Timmermans, decorbouwer Simon Haen, duizendpoot René van Commenée.
De Stevenskerk Nijmegen is partner en de locatie van de eerste uitvoering. In de komende vier jaar zal OWARI nog vijf andere grote kerken bezoeken (in Arnhem, Deventer, Aardenburg, Leiden en Breda) waar het telkens een maand te zien en te beleven zal zijn. Bij iedere nieuwe locatie verdwijnt één scène en ontstaat een nieuwe, locatiespecifieke installatie. Zo is OWARI een zich steeds ontwikkelend kunstwerk.
De installaties van OWARI worden regelmatig ook als losse autonome werken getoond op festivals, musea of andere plekken en contexten.
Dyane Donck onderzoekt met OWARI een nieuwe vorm die zij ‘sound environments’ noemt, waarin zij beeld, muziek, 3D-geluid, omgeving en tekst gelijkwaardig wil verenigen.
Donck zet creatieve technologie in om tijd en ruimte, object en abstractie bij elkaar te brengen.
In de veelheid die zij zelf creëert zoekt ze niettemin naar orde, die vaak gelaagd is: er zijn diverse dwarsverbanden en terugkerende elementen te vinden in de verschillende scènes, die zich echter niet direct blootgeven.
De logica is eerder David Lynch-achtig en kenmerkt zich door een duistere sfeer.